Relatietips & Inzichten 5 min

Nederland wordt steeds meer single.
Of valt dat eigenlijk wel mee?

Zijn er echt steeds meer singles in Nederland? De nieuwste CBS-cijfers lijken dat beeld te bevestigen.

Toch is de werkelijkheid genuanceerder. Want hoewel het aandeel singles is gestegen, gaat het om een

relatief kleine toename. En bovendien zegt ‘alleen wonen’ niet automatisch dat iemand geen partner heeft.

Tijd om de cijfers iets beter te bekijken.

Imke Evers matchmaker
Imke Evers

De nieuwste CBS-cijfers laten een veel genuanceerder beeld zien dan de bekende krantenkop doet vermoeden.

Steeds meer mensen zijn single. Het is zo’n kop waar je gemakkelijk even bij blijft hangen. Het beeld dat meteen ontstaat: relaties zijn op hun retour, Nederland verandert in rap tempo in een land van alleenstaanden en de traditionele relatie maakt plaats voor een leven zonder vaste partner.

 

Maar wie de nieuwste cijfers van het CBS iets beter bekijkt, ziet een veel genuanceerder verhaal.

 

In 2025 gaf 30 procent van de volwassen Nederlanders aan geen vaste partner te hebben. In 2013 was dat 27 procent. In twaalf jaar tijd nam het aandeel singles dus toe met 3 procentpunt.

 

Dat is een stijging. Maar een revolutie?

 

Niet bepaald.

 De nieuwste CBS-cijfers laten een veel genuanceerder beeld zien dan de bekende krantenkop doet vermoeden.
De manier waarop we cijfers presenteren, bepaalt voor een groot deel welk beeld er ontstaat.

Van ‘steeds meer’ naar ‘een beetje meer’

Het interessante aan cijfers zit soms niet in het cijfer zelf, maar in het verhaal dat we ervan maken.

 

“Steeds meer Nederlanders zijn single” klinkt als een duidelijke maatschappelijke trend. En technisch gezien klopt dat ook. Het percentage is hoger dan twaalf jaar geleden.

 

Maar zet je 27 en 30 procent naast elkaar, dan ziet die ontwikkeling er ineens een stuk minder spectaculair uit. Bovendien verloopt de stijging bepaald niet in een rechte lijn. Jarenlang schommelde het percentage rond de 27 en 28 procent. In 2024 lag het op 31 procent en een jaar later juist weer op 30 procent.

 

We zijn dus niet massaal afscheid aan het nemen van de relatie.

 

Wat we zien, is eerder een langzame verschuiving.

 

En misschien is dat juist interessanter.

Van ‘steeds meer’ naar ‘een beetje meer’
Hetzelfde cijfer kan indrukwekkend klinken, terwijl de ontwikkeling erachter relatief beperkt is.

Een op de drie klinkt anders dan drie procentpunt groei

Er gebeurt namelijk iets merkwaardigs wanneer we hetzelfde cijfer anders formuleren.

 

“30 procent van de Nederlanders is single” wordt al snel: bijna één op de drie volwassenen heeft geen vaste partner.

 

Dat klinkt als veel.

 

En dat ís ook veel.

 

Maar het betekent niet automatisch dat singles ineens een nieuw verschijnsel zijn. Twaalf jaar geleden ging het tenslotte al om ruim één op de vier volwassenen.

 

Daar zit een belangrijk verschil tussen omvang en groei.

 

Er zijn veel singles in Nederland. Maar het aantal singles groeit niet explosief.

 

Dat onderscheid raakt in berichtgeving gemakkelijk zoek.

Een op de drie klinkt anders dan drie procentpunt groei
Cijfers over huishoudens vertellen niet automatisch of iemand wel of geen vaste partner heeft.

Ook ‘alleen wonen’ is niet hetzelfde als single zijn

Daar komt nog iets bij. Het CBS meldt dat begin 2025 maar liefst 5,7 miljoen volwassenen zonder partner in huis woonden. Ook zo’n getal waarvan je zou kunnen denken: Nederland zit vol singles.

 

Maar wonen zonder partner betekent niet automatisch dat je geen partner hébt.

 

Van alle volwassenen heeft 10 procent een vaste partner met wie hij of zij niet samenwoont: een latrelatie. Ook dat aandeel is iets gestegen, van 8 procent in 2013 naar 10 procent in 2025.

 

Je kunt dus prima alleen wonen en toch een relatie hebben.

 

Andersom kun je als single bovendien bij je ouders wonen, met kinderen wonen of een woning delen met anderen.

 

Wie iets wil zeggen over de opkomst van het singleschap, moet daarom goed opletten welk cijfer wordt gebruikt. Alleenstaand, alleenwonend en single zijn drie verschillende dingen.

Ook ‘alleen wonen’ is niet hetzelfde als single zijn
Achter het percentage singles gaan uiteenlopende levensfasen, keuzes en persoonlijke verhalen schuil.

Misschien verandert niet de liefde, maar de vorm

En daar wordt het verhaal eigenlijk veel interessanter.

 

Want misschien laten deze cijfers helemaal niet zien dat Nederlanders steeds minder behoefte hebben aan liefde of verbinding. Misschien laten ze vooral zien dat de manier waarop we relaties vormgeven langzaam verandert.

 

Samenwonen is niet meer voor iedereen vanzelfsprekend. Mensen scheiden en beginnen later opnieuw. Jongeren doen langer over het vinden van een vaste partner. Ouderen kunnen na het overlijden van hun partner alleen achterblijven. En sommige stellen kiezen bewust voor een latrelatie omdat ze hun zelfstandigheid willen behouden.

 

De werkelijkheid achter die ene categorie ‘single’ bestaat dus uit totaal verschillende levens.

 

De 23-jarige die nog niemand heeft gevonden.

 

De veertiger die net uit een huwelijk komt.

 

De vijftiger die bewust alleen wil blijven.

 

De weduwe van 78.

 

Ze belanden allemaal in hetzelfde percentage, maar hun verhalen hebben weinig met elkaar gemeen.

Misschien verandert niet de liefde, maar de vorm
De relatie verdwijnt niet, maar de manier waarop mensen wonen, liefhebben en samenleven wordt minder vastomlijnd.

Geen singlerevolutie, wel een samenleving die langzaam verandert

Misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste les uit de nieuwe CBS-cijfers.

 

Ja, Nederland telt meer singles dan twaalf jaar geleden.

 

Maar wie alleen de woorden “steeds meer singles” leest, zou gemakkelijk kunnen denken dat we getuige zijn van een enorme omwenteling op de relatiemarkt. De cijfers vertellen iets anders: van 27 procent in 2013 naar 30 procent in 2025.

 

Drie procentpunt in twaalf jaar.

 

Geen explosie. Geen aardverschuiving.

 

Wel een geleidelijke verandering in hoe Nederlanders wonen, liefhebben en relaties organiseren.

 

En juist daarin zit misschien het echte verhaal. Niet dat de relatie verdwijnt, maar dat het idee van hoe een relatie — en een volwassen leven — eruit hoort te zien steeds minder vastomlijnd wordt.

 

Soms is “steeds meer” statistisch helemaal waar.

 

Maar het loont om altijd even te vragen:

hoeveel meer eigenlijk?

 Geen singlerevolutie, wel een samenleving die langzaam verandert

De cijfers achter het verhaal

De percentages in deze blog zijn afkomstig uit de CBS-publicatie van 18 augustus 2026.

De onderliggende cijfers zijn afkomstig uit de CBS-publicatie van 18 augustus 2026: 27% single in 2013 tegenover 30% in 2025; latrelaties gingen van 8% naar 10%.

https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2026/34/steeds-meer-mensen-zijn-single-of-hebben-een-latrelatie

De cijfers achter het verhaal
1 ster2 sterren3 sterren4 sterren5 sterren (2 stemmen, gemiddeld: 5,00 van de 5)

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Vul je naam en e-mailadres in. Je ontvangt regelmatig relatie tips en je blijft op de hoogte van onze diensten. ♥

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Plan kennismaking Bel direct