7 min
Kan spanning ervoor zorgen dat iemand aantrekkelijker voelt? Onderzoek met onder
andere een wiebelbrug, achtbaan en recreatieve angst laat zien dat ons lichaam en onze
gevoelens soms meer door elkaar lopen dan we denken. Zeker tijdens een spannende date.
Oktober is bij uitstek de maand waarin we ons vrijwillig bang laten maken. We kijken horrorfilms waarvan we vooraf al weten dat we er misschien slecht van slapen, lopen voor ons plezier door spookhuizen en betalen zelfs geld om in attracties te stappen waarvan ons lichaam ons tijdens de rit dringend probeert te vertellen dat dit géén goed idee was.
En toch vinden veel mensen het heerlijk.
Dat alleen al is psychologisch interessant. Maar het wordt nog leuker wanneer er iemand naast je zit die je aantrekkelijk vindt. Want stel dat je hart sneller klopt, je alerter bent en je letterlijk kriebels in je buik voelt. Hoe weet je dan eigenlijk welk deel daarvan door die persoon komt en welk deel door wat er op het scherm, in het spookhuis of hoog boven de grond gebeurt?
Daar wordt al verrassend lang onderzoek naar gedaan.

Bang zijn klinkt niet direct als iets waar je vrijwillig een avond voor vrijhoudt. Toch zijn horrorfilms, achtbanen en spookhuizen enorm populair.
Onderzoekers die bezoekers van een spookhuis volgden, ontdekten iets interessants. Plezier en angst bleken niet simpelweg elkaars tegenpolen. De relatie leek meer op een omgekeerde U: te weinig spanning is saai, te veel spanning wordt onaangenaam, maar ergens daartussen kan angst juist heel leuk zijn.
De onderzoekers maten daarbij zelfs de hartslag van bezoekers. De prettigste ervaringen leken samen te hangen met een niveau van lichamelijke spanning dat als het ware precies goed was.
Dat verklaart misschien waarom we tijdens een horrorfilm eerst onze handen voor onze ogen houden en vijf minuten later toch willen weten wat er achter die deur zit.
Maar die lichamelijke spanning heeft mogelijk nog een ander interessant effect.

In 1974 deden psychologen Donald Dutton en Arthur Aron een onderzoek dat inmiddels bijna legendarisch is geworden.
Een deel van hun deelnemers bevond zich op een hoge, smalle hangbrug die behoorlijk kon bewegen. Andere deelnemers bevonden zich in een veel rustigere situatie. Vervolgens werden zij aangesproken door een vrouwelijke onderzoeker.
De mannen in de spannende situatie reageerden anders op haar. Ze maakten onder meer vaker seksueel getinte associaties en namen achteraf vaker contact met haar op.
De onderzoekers opperden dat de lichamelijke spanning van de brug mogelijk was gaan meespelen in de reactie op de vrouw die ze ontmoetten.
Het onderzoek kreeg later veel aandacht vanwege een intrigerend idee: ons lichaam reageert, maar we schrijven die spanning niet altijd aan de juiste oorzaak toe.
Je hart klopt sneller omdat je tientallen meters boven de grond op een wiebelende brug staat. Tegelijkertijd ontmoet je iemand die je interessant vindt. Die twee ervaringen hoeven in je beleving niet volledig gescheiden te blijven.
Het betekent natuurlijk niet dat een hangbrug een soort liefdesmachine is. Maar het zette wel de deur open naar meer onderzoek.

Bijna dertig jaar later onderzochten Cindy Meston en Penny Frohlich een vergelijkbaar verschijnsel bij een achtbaan.
Ze spraken bezoekers aan voordat zij instapten en nadat zij uit de attractie kwamen. Deelnemers kregen een foto te zien van iemand en beoordeelden onder andere hoe aantrekkelijk die persoon was en hoe interessant diegene als mogelijke date leek.
Bij mannen én vrouwen die met iemand anders dan een romantische partner in de achtbaan zaten, waren die beoordelingen na de rit gemiddeld positiever dan ervoor.
Dat is natuurlijk een heerlijk onderzoeksresultaat voor iedereen die ooit na een achtbaanrit heeft gedacht dat werkelijk álles ineens fantastisch voelde.
Maar ook hier geldt: de onderzoekers maakten niemand verliefd. Ze zagen een tijdelijk verschil in hoe mensen iemand beoordeelden nadat hun lichaam flink was geactiveerd.

Horror is speciaal gemaakt om met onze spanning te spelen. Muziek vertelt dat er iets aankomt. De camera blijft nét te lang op een donkere gang gericht. Je weet dat er iets achter de deur zit en je weet bovendien dat de filmmaker precies wacht tot jij denkt dat het gevaar geweken is.
Je weet rationeel dat je veilig bent. Je lichaam hoeft daar alleen niet voortdurend naar te luisteren.
Onderzoek naar recreatieve angst laat zien dat enge ervaringen echte lichamelijke en emotionele reacties kunnen oproepen. Tegelijkertijd kunnen mensen daar juist van genieten, zolang de angst niet te groot wordt.
Zit er op zo’n moment iemand naast je die je al interessant vindt, dan is het dus helemaal niet zo vreemd dat de hele ervaring wat intenser aanvoelt.
Dat maakt aantrekkingskracht niet onecht. Het betekent vooral dat onze gevoelens nooit volledig losstaan van de omstandigheden waarin we ze ervaren.

Dat is ook een gedachte die goed past bij hoe we bij Mens & Relatie naar ontmoetingen kijken.
Een profiel kan vooraf veel vertellen over iemands leven, waarden, wensen en toekomstbeeld. Maar pas wanneer twee mensen elkaar daadwerkelijk ontmoeten, ontstaat er iets wat je vooraf niet volledig kunt vastleggen.
En ook die ontmoeting vindt natuurlijk niet in een laboratorium plaats.
Misschien is iemand gespannen omdat het de eerste kennismaking is. Misschien is de omgeving rumoerig. Misschien hebben twee mensen juist onmiddellijk veel plezier omdat ze samen iets bijzonders beleven. De omstandigheden kleuren mee met wat je op dat moment voelt.
Daarom vinden we het belangrijk om niet één detail, één profielkenmerk of één eerste gevoel groter te maken dan het is. Professionele matchmaking draait voor ons juist om zorgvuldig selecteren én daarna ruimte laten voor wat er werkelijk tussen twee mensen ontstaat.
Een eerste indruk doet ertoe. Maar voor een duurzame relatie kijken we verder: naar waarden, leefstijl, toekomstwensen en naar de vraag of twee levens werkelijk bij elkaar zouden kunnen passen. Dat is precies het verschil tussen alleen een leuke ontmoeting organiseren en zorgvuldig zoeken naar een passende partner.

We spreken bij ontmoetingen graag over de ‘vonk’. Was die er wel of niet? Voelde je meteen iets?
Aantrekkingskracht is natuurlijk relevant. Tegelijkertijd laat al dit onderzoek mooi zien waarom de intensiteit van een gevoel niet automatisch hetzelfde is als hoe goed twee mensen bij elkaar passen.
Een spannende avond kan fantastisch voelen, terwijl je tijdens een rustige volgende ontmoeting pas ontdekt hoe gemakkelijk het gesprek werkelijk loopt. Andersom kan iemand in eerste instantie minder spectaculair binnenkomen en naarmate je elkaar beter leert kennen juist steeds interessanter worden.
Dat betekent niet dat je gevoelens moet wantrouwen of eindeloos moet analyseren. Het maakt partnerkeuze juist menselijker: we reageren op een persoon én op het moment waarop we die persoon ontmoeten.
Voor Mens & Relatie is dat een van de redenen om verder te kijken dan alleen een snelle eerste beoordeling. Niet de hoeveelheid ontmoetingen staat centraal, maar de kwaliteit van de selectie en de kans om iemand te ontmoeten die echt bij je leven past.

Dus als je deze oktobermaand tijdens een enge film ineens een bonzend hart krijgt terwijl er iemand naast je zit die je behoorlijk leuk vindt, hoef je dat gevoel zeker niet weg te redeneren.
Misschien vind je die persoon écht heel aantrekkelijk.
Misschien doet de horrorfilm een klein beetje mee.
En waarschijnlijk is dat precies wat dit onderwerp zo interessant maakt: onze gevoelens zijn geen nette optelsom waarvan we achteraf precies kunnen aanwijzen waar ieder onderdeel vandaan kwam.
Misschien is dat ook waarom aantrekkingskracht zich niet volledig laat vangen in vragenlijsten, profielen of formules. Zorgvuldig kijken helpt, maar uiteindelijk moet er nog altijd een echte ontmoeting plaatsvinden tussen twee mensen.
Dus voel je tijdens die horrorfilm ineens kriebels? Geniet er vooral van. Maar misschien is het interessanter wat er gebeurt als de aftiteling voorbij is.

Andersen, M. M. et al. (2020). Playing With Fear: A Field Study in Recreational Horror. Psychological Science, 31(12), 1497–1510.
Dutton, D. G. & Aron, A. P. (1974). Some evidence for heightened sexual attraction under conditions of high anxiety. Journal of Personality and Social Psychology, 30(4), 510–517.
Meston, C. M. & Frohlich, P. F. (2003). Love at first fright: Partner salience moderates roller-coaster-induced excitation transfer. Archives of Sexual Behavior, 32(6), 537–544.

Vul je naam en e-mailadres in. Je ontvangt regelmatig relatie tips en je blijft op de hoogte van onze diensten. ♥
"*" geeft vereiste velden aan