7 min
Na een eerste date kan de conclusie snel getrokken zijn: aardig, maar geen klik. Toch zegt zo’n eerste
ontmoeting lang niet altijd genoeg over wat er tussen twee mensen kan ontstaan. Hoe betrouwbaar is
die eerste indruk eigenlijk? En kan aantrekkingskracht groeien wanneer je elkaar beter leert kennen?
Mijn collega Imke Evers, toegepast psycholoog en matchmaker bij Mens & Relatie, schreef deze week een mooi artikel voor Psychologie Magazine. Ze vertelt daarin over een man van 63 die na zijn eerste date al wist dat het niets zou worden. Hij had geen sprankeling in de ogen van zijn date gezien en daarmee was voor hem de zaak eigenlijk afgedaan.
Imke nam zijn conclusie niet zomaar over, maar ging met hem in gesprek. Wat had hij eigenlijk ervaren tijdens die ontmoeting? En waarop baseerde hij zijn oordeel? Gaandeweg bleek dat hij vooral bezig was geweest met het beoordelen van de vrouw tegenover hem. Na een eerdere ervaring met ontrouw was hij bovendien extra alert op signalen dat het opnieuw mis zou kunnen gaan. Hij had zo zijn best gedaan om te bepalen of zij geschikt was, dat hij zelf nauwelijks iets van zichzelf had laten zien.
Lees hier het artikel van Imke in Psychologie Magazine.
Ik vond het een mooi voorbeeld van iets wat mij als psycholoog en onderzoeker al langer bezighoudt. We denken bij partnerkeuze vaak dat we een ander beoordelen op diens eigenschappen. Maar wat we tijdens een ontmoeting ervaren, wordt niet alleen bepaald door wie die ander is. Onze eigen verwachtingen, eerdere ervaringen en ons gedrag spelen minstens zo goed een rol. En misschien nog belangrijker: wat er tussen twee mensen gebeurt, ontstaat in hun onderlinge interactie.

Een tweede interessant inzicht komt uit onderzoek van Eastwick en Finkel (2008). Zij onderzochten in een speeddatingcontext in hoeverre de eigenschappen die mensen vooraf belangrijk zeggen te vinden in een partner, overeenkomen met de eigenschappen die hen tijdens daadwerkelijke ontmoetingen aantrekken.
Vooraf konden deelnemers aangeven hoe belangrijk zij bijvoorbeeld fysieke aantrekkelijkheid of goede verdienmogelijkheden vonden. Vervolgens ontmoetten zij verschillende potentiële partners tijdens speeddates.
Wat bleek? De voorkeuren die mensen vooraf uitspraken, voorspelden niet goed hoeveel romantische belangstelling zij tijdens de ontmoetingen voor een specifieke persoon zouden ervaren. Dat gold zowel voor mannen als voor vrouwen.
Dat betekent niet dat voorkeuren onbelangrijk zijn. Natuurlijk kunnen bepaalde eigenschappen, waarden en leefomstandigheden een grote rol spelen bij de keuze voor een partner. Maar wat we denken aantrekkelijk te zullen vinden, blijkt niet altijd overeen te komen met wat ons daadwerkelijk aantrekt wanneer we iemand ontmoeten.
Dat is ook niet zo vreemd. Op papier kunnen we eigenschappen afzonderlijk beoordelen. In een ontmoeting ervaren we een persoon als geheel. We reageren op iemands manier van praten, humor, belangstelling, lichaamstaal en op de manier waarop iemand op ons reageert. Die combinatie laat zich vooraf moeilijk voorspellen.

Daar komt nog iets bij. We hebben vaak de neiging om aantrekkingskracht te beschouwen als iets wat er meteen wel of niet is. Je voelt een klik, of je voelt hem niet.
Maar ook daar is de wetenschap genuanceerder over.
Finkel en collega’s (2015) onderzochten hoe vertrouwdheid en toenemende kennis van een ander samenhangen met aantrekkingskracht. Hun analyse laat zien dat meer vertrouwdheid onder bepaalde omstandigheden tot meer aantrekkingskracht kan leiden, maar onder andere omstandigheden juist tot minder. Het hangt onder meer af van wat mensen tijdens het contact over elkaar ontdekken en hoe zij die informatie ervaren.
Dat lijkt misschien een open deur, maar voor de datingpraktijk is het een belangrijk inzicht. Je kunt iemand bij een eerste ontmoeting aardig vinden zonder direct sterke romantische aantrekkingskracht te ervaren. Wanneer je elkaar beter leert kennen, kan die aantrekkingskracht toenemen. Je ontdekt bijvoorbeeld dat iemand dezelfde humor heeft, oprecht belangstelling toont of prettig reageert wanneer je iets persoonlijks vertelt.
Andersom kan een aanvankelijk sterke aantrekkingskracht ook afnemen wanneer je iemand beter leert kennen.
Het gaat dus niet alleen om de eerste indruk, maar ook om wat er tijdens volgende ontmoetingen gebeurt.

Bij Mens & Relatie adviseren we singles daarom om een kansrijke nieuwe persoon in beginsel drie keer te ontmoeten voordat ze een definitieve conclusie trekken. Natuurlijk geldt dat niet wanneer er een duidelijke reden is om het contact niet voort te zetten. Als iemand je grenzen niet respecteert, zich onaangenaam gedraagt of er sprake is van een wezenlijke onverenigbaarheid, hoef je jezelf niet tot een volgende afspraak te verplichten.
Maar wanneer je iemand op zichzelf aardig vindt en er geen duidelijke bezwaren zijn, alleen die bijzondere klik nog ontbreekt, zou ik niet te snel beslissen.
Ik adviseer dan ook om niet drie keer hetzelfde te doen. Ga bijvoorbeeld de eerste keer ergens iets drinken, maak de tweede keer een wandeling en onderneem de derde keer samen een activiteit die jullie allebei leuk vinden. Juist door elkaar in verschillende situaties te ontmoeten, krijg je meer zicht op hoe iemand is en hoe jullie samen functioneren.
Dat advies is overigens geen wetenschappelijk bewezen regel dat drie ontmoetingen beter zijn dan twee of vier. Het is een praktische richtlijn die we vanuit onze ervaring met professionele matchmaking hanteren en die aansluit bij wetenschappelijke inzichten over de ontwikkeling van aantrekkingskracht.
Wat mij betreft gaat het er vooral om dat je jezelf en de ander voldoende gelegenheid geeft om te ontdekken of er iets kan ontstaan.

Misschien is dat wel de belangrijkste boodschap die ik uit Imkes verhaal haal. We zijn bij het daten vaak zo bezig met de vraag of de ander geschikt is, dat we vergeten dat we zelf ook onderdeel zijn van de ontmoeting.
Dat geldt zeker wanneer eerdere relatie-ervaringen ons voorzichtig hebben gemaakt. Wie bang is opnieuw teleurgesteld of afgewezen te worden, kan onbewust proberen risico’s zo vroeg mogelijk uit te sluiten. Dat is begrijpelijk, maar kan er ook toe leiden dat we weinig ruimte laten voor een nieuwe ervaring.
Daarom zou ik singles willen adviseren om na een eerste date niet alleen te vragen of ze de ander aantrekkelijk genoeg vonden. Vraag je ook eens af hoe je zelf tijdens die ontmoeting aanwezig was. Was je ontspannen? Was je werkelijk nieuwsgierig naar de ander? Heb je iets van jezelf laten zien? En zou je deze persoon misschien in een andere situatie nog eens willen ontmoeten?
Je hoeft niet iedere ontmoeting een vervolg te geven. Maar je hoeft ook niet na één gesprek al te weten of iemand je toekomstige partner kan worden.
Want uiteindelijk zoek je geen persoon die bij een eerste beoordeling de hoogste score behaalt. Je zoekt iemand met wie je een relatie kunt ontwikkelen. En daarvoor moet je elkaar eerst de gelegenheid geven om elkaar te leren kennen.

De vraag hoeveel we vooraf kunnen voorspellen over het ontstaan van een relatie, stond ook centraal in mijn promotieonderzoek aan de Open Universiteit. Daarbij onderzocht ik onder andere de betekenis van persoonlijkheid, hechting en andere psychologische factoren voor relatievorming bij professionele matchmaking.
In de volgende blogs ga ik verder in op wat wetenschappelijk onderzoek ons hierover leert. Kunnen persoonlijkheidskenmerken voorspellen wie een relatie vormt? Kan kunstmatige intelligentie bepalen wie bij elkaar past? En welke rol spelen onze eerdere ervaringen bij het aangaan van een nieuwe relatie?

Eastwick, P. W., & Finkel, E. J. (2008). Sex differences in mate preferences revisited: Do people know what they initially desire in a romantic partner? Journal of Personality and Social Psychology, 94(2), 245–264. https://doi.org/10.1037/0022-3514.94.2.245
Finkel, E. J., Norton, M. I., Reis, H. T., Ariely, D., Caprariello, P. A., Eastwick, P. W., Frost, J. H., & Maniaci, M. R. (2015). When does familiarity promote versus undermine interpersonal attraction? A proposed integrative model from erstwhile adversaries. Perspectives on Psychological Science, 10(1), 3–19. https://doi.org/10.1177/1745691614561682
Sunnafrank, M. (1986). Predicted outcome value during initial interactions: A reformulation of uncertainty reduction theory. Human Communication Research, 13(1), 3–33. https://doi.org/10.1111/j.1468-2958.1986.tb00092.x
Sunnafrank, M. (1988). Predicted outcome value in initial conversations. Communication Research Reports, 5(2), 169–172. https://doi.org/10.1080/08824098809359819
Dr. Liselotte Visser is GZ-psycholoog en promoveerde in september 2026 aan de Open Universiteit op onderzoek naar psychologische factoren die samenhangen met relatievorming bij professionele matchmaking. Zij is verbonden aan Mens & Relatie.

Vul je naam en e-mailadres in. Je ontvangt regelmatig relatie tips en je blijft op de hoogte van onze diensten. ♥
"*" geeft vereiste velden aan